III.III. een judoka op de bres


(Lees hier de start van het verhaal. Klik hier voor het personenregister)

Na de dood van Roger en de mama van Bart zie ik het allemaal nogal somber in. Mijn dagboek loopt over van kwaadheid en onbegrip. Op dat moment ben ik ervan overtuigd dat de mens het meest destructieve wezen is dat ooit op aarde rondliep. Het nieuws over de zeespiegel maakt het natuurlijk niet beter. Ik spendeer veel tijd bij Bart. Zijn gezondheid gaat achteruit, hij is vaak in diepe gedachten verzonken. Toch blijft hij verhalen vertellen. De eerste verjaardag van de dubbele moord vieren we samen.

Woensdag 12 september 2040 – 394,83 ppm

Een verrassing is het niet. Geologen en glaciologen wisten dat dit zou gebeuren. Alleen niet wanneer en hoe snel. Het verlies aan poolijs in Antarctica is in een stroomversnelling geraakt. Het vorige decennium schommelde het verlies rond de 350 miljard ton ijs per jaar. Vorige maanden is het afsmelten van de Thwaites gletsjer versneld. De hele westelijke Antarctische ijskap dreigt nu in te storten. Als dat gebeurt kan de zeespiegel met 3.8 meter stijgen, al zal dit proces toch ruim honderd jaar in beslag nemen. Maar er spelen nog andere factoren. Het smelten van gletsjers overal ter wereld, de uitzetting van het water door de opwarming van de oceanen en het verdwijnen van landijs in Groenland nemen allen toe. Waar de zeespiegelstijging in het begin van de eeuw aan een tempo van 3 tot 4 millimeter verliep spreken de wetenschappers nu over centimeter. Jaarlijks 2,5 centimeter op dit ogenblik, vanaf 2050 kan dit 3,5 centimeter worden.

Kuststeden overal ter wereld proberen zich zo goed en zo kwaad mogelijk voor te bereiden. Jakarta, Venetië, Dar Es Salaam, Ho Chi Min stad en Shanghai zijn wellicht niet meer te redden. Daar worden grootschalige herhuisvestingsprogramma’s opgezet. London is een twijfelgeval.

Voor de Vlaamse kust ziet het er niet goed uit. De gouverneur heeft de kustburgemeesters ingelicht dat ze er best van uitgaan dan hun steden binnen de tien tot twintig jaar niet meer gered kunnen worden. De voorbije decennia zijn honderden miljoenen geïnvesteerd in het opspuiten van de stranden. Bij elke stevige noordwesterstorm wordt het zand meteen weer weggespoeld. Dit is niet meer vol te houden. Nauwelijks tien jaar nadat een nationalistische partij erin geslaagd is de officiële naam van de Belgische kust om te vormen in Vlaamse kust is duidelijk dat deze gedoemd is tot verdwijnen.

Terwijl topografen en hydrologen plannen maken voor een beschermingsdijk dieper landinwaarts wordt de uittocht van negen van de tien kustgemeentes voorbereid. In Middelkerke doen ze niet mee. De hoogbejaarde burgermeester – een voormalige olympische coach – weigert de oproep te volgen. Voor hem is het hele opwarmingsverhaal een verzinsel. Hij vertikt het zijn stad op te geven. Zijn oplossing is simpel: beton. De kelders, het gelijkvloers en de eerste verdieping van alle appartementsblokken op de dijk worden vol beton gegoten. Hetzelfde gebeurt met de open ruimtes tussen de appartementsblokken. Zo ontstaat een betonnen muur van gemiddeld tien meter hoog en meer dan vijf kilometer lang. Achteraf zal duidelijk worden dat de productie van deze onvoorstelbare hoeveelheden beton de CO2 uitstoot van het land met vier procent heeft doen stijgen. Nog iets later zal blijken dat deze operatie de stad onleefbaar heeft gemaakt. Niemand wil op een strand zitten achter een eindeloze bunker. Wat specialisten voorspelden gebeurt. Overstromingen komen evengoed vanuit het binnenland en het zeewater kan via buurgemeentes Oostende en Nieuwpoort evengoed de straten vullen.

Na zijn dood is een standbeeld van de burgemeester op de betonnen dijk geplaatst. Hij staat met zijn gezicht naar de zee, de armen wijd gespreid, als een judoka die met zijn gespierde lichaam de stijgende zeespiegel zal tegenhouden.  Je kan het beeld niet zien bij vloed. Enkel bij een lage waterstand is de romp van het beeld nog zichtbaar boven het water. Bij educatieve boottochten wordt er vaak even langs gevaren. Dan vraagt de begeleider aan de kinderen een moment van stilte en mededogen voor deze nors kijkende man, die stilaan verdwijnt onder zijn eigen ontkenning.

***

Twee kaarsen op een tafeltje. Daarrond een kring van mensen. Bart en zijn zus Ellen. John, Arwe en Mare. Britt met haar vriend Apple, en dus ook Mona. Ik sta naast mijn moeder. We zijn allemaal stil. Iedereen mist Roger en Odette. Bart lijkt op slag een paar jaar ouder te zijn geworden, al heeft dat ook te maken met de toenemende impact van zijn NOX-intoxicatie. Hij houdt een zakdoek voor zijn mond en probeert zijn gekuch te verbergen. Hij voelt zich schuldig om de dood van zijn moeder en zijn beste vriend. Het was zijn verjaardagsfeestje, hij had sneller moeten reageren. Hij had het moeten voorkomen. Britt kijkt de kring rond en neemt dan het woord. Ze is een knappe jonge vrouw geworden. ‘Lieve vrienden, het voorbije jaar was moeilijk. Heel moeilijk.’ Ze laat de stilte even de ruimte vullen. ‘Ik mis mijn oma heel erg. Maar ik weet wat Roger zou gewild hebben. We weten het allemaal. Hij zou ons vragen om een flesje wijn te openen, onze zorgen te vergeten en verhalen te vertellen. Hij zou ons vragen om te dromen, om acties te verzinnen. Zijn leuze was eenvoudig: niet panikeren, organiseren. Wat er ook gebeurt, hoe zwart de toekomst er ook uitziet.’ Apple heeft een arm om Mona geslagen. Arwe staat dicht tegen zijn papa, Mare leunt met haar rug tegen de knieën van haar mama. ‘Ik weet wat Oma zou gewild hebben nu’ zegt Mare. ‘Pannenkoeken’ roept iedereen samen. En zo maken we er nog een fijne middag van.

***

Ik zit die avond met Bart samen op de Scheldedijk in Gentbrugge. De grootste hitte is voorbij, een frisse wind koelt ons af. Een paar zeehonden genieten van de laatste zonnestralen op een slibbank in het midden van de rivier. Een uniek stukje natuur waar de getijdenwerking zorgt voor een grote biodiversiteit. Bart denkt aan de strijd die hij indertijd voerde om de komst van een jachthaven hier te vermijden. Die strijd is toen alvast gewonnen. In de verte rijdt een ijskar, ik kan het bekende elektronisch gespeelde melodietje niet plaatsen. ‘Luister,’ zegt Bart ‘het beginthema uit het derde pianoconcerto van Rachamaninov.’ Hij kijkt voor zich uit, met moeite een kuch onderdrukkend. Ik spreek Bart aan, hij heeft moeite met ademen: ‘je bent toch mede-eiser?’ ‘Ja’ zucht Bart ‘ik heb me al jaren geleden aangesloten bij de rechtszaak tegen de auto-industrie en de toen verantwoordelijke ministers. Er zijn in ons land alleen bijna zeventigduizend aanklagers. Maar daar krijg ik geen gezonde longen van natuurlijk’. Ik zie in mijn ooghoek hoe enkele kwartels verstoppertje spelen in het gele lis. ‘Dat is waar. Toch moeten we dat soort rechtszaken blijven aanspannen. Natuurlijk proberen de dieselconstructeurs hun verantwoordelijkheid af te wentelen. Ze wisten al jaren van de schadelijkheid van de uitstoot. Ze werden door de regering beschermd. Maar de aanhouder wint. Tegen de oliemaffia hebben we toch een mooie overwinning behaald. De schadevergoeding voor moedwillig verzuim was zo hoog dat dit bijna het einde was van de hele fossiele sector. Dat heb je me allemaal zelf verteld.’ Een paar dobberende bergeenden kijken ons onderzoekend aan. Bart kucht even. ‘Dat is waar Man. Alleen veel te laat, we hadden die beslissing twintig jaar eerder moeten nemen. Dan zaten we nu niet met deze jaarlijks terugkerende hittegolven en de longziektes.’ Ik kijk bezorgd naar de vele rimpels rond de ogen van Bart. ‘Maar jij hebt gedaan wat je kon toch? Ik herinner me vaag wat Vandana Shiva daarover zei. Ga hartstochtelijk voor je dromen, maar verbindt je geluk niet aan het behalen van het resultaat.  Zoiets denk ik’. Bart knikt traag en haalt een klein flesje uit zijn binnenzak. ‘Ginderella’ roep ik ‘ben ik daar niet te jong voor?’. ‘Met onder andere extracten van Japanse duizendknoop hier geplukt aan de oevers van de Schelde’ zegt Bart terwijl hij de dop losdraait. ‘Als jij hiervoor te jong bent, dan ben ik er te oud voor’. ‘Op onze toekomst’ zeg ik lachend. ‘En op de toekomst van onze kinderen.’ Zegt Bart voor hij een slokje van de gin neemt. ‘Aan mogelijke kleinkinderen durf ik niet te denken’.

***

Apple neemt het aanbod met zijn beide handen aan. Een job in de pas opgestarte fabriek van MDI. In een voormalige loods van de Katoennatie opent Motor Development International een coöperatieve afdeling. De loods staat er al twintig jaar en wordt nu voor het eerst effectief gebruikt. Ze was destijds enkel gebouwd omwille van de subsidie voor de zonnepanelen op het dak. Nu komt er een productie-eenheid voor de Airpod, een compacte stadswagen op perslucht. Om de productie zo veel mogelijk met lokale grondstoffen te realiseren wordt het aluminium chassis vervangen door eentje van bamboe. Op drijvende pontons in het Stifferdok wordt de snelgroeiende bamboe gekweekt. Met twee collega’s vaart Apple van ponton naar ponton om er de planten die de gewenste dikte halen te oogsten. Dan worden de stengels geschuurd en gedroogd en vormen ze de perfecte basis voor een stevig chassis. Met de kortere reststukken zal een jaar later een atelier opstarten waar bamboe-bikes gemaakt worden.

De Airpod is een kleine wagen die maximum vijftig kilometer per uur haalt, de autonomie bedraagt zo’n honderd kilometer. Het is een lichte auto, zonder emissies en goedkoop in gebruik. Vooral voor de groeiende oudere bevolking is het een goede aanvulling op het openbaar vervoer. Partago, nog een coöperatie, koopt de wagens op en stelt ze via een deelsysteem ter beschikking. Het doel is te komen tot een deelwagen per 100 inwoners. Met deze kleine fabriek met zeventig werknemers heeft de stad voor het eerst in twee decennia opnieuw een eigen autofabriek.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s