Respect voor Greta Thunberg


De voorbije weken heb ik veel nagedacht over wat er mij te doen staat en tevens tijd genomen om te lezen. Een boek dat een bijzondere indruk heeft nagelaten is dat van de familie Thunberg. ‘Ons huis staat in brand’ is een persoonlijke getuigenis, vooral geschreven door Malena Ernman, de moeder van Greta. Het is geen klimaatboek zoals er reeds zovele zijn. Het is vooral het verhaal van een gezin dat worstelt met twee dochters die beiden gediagnosticeerd zijn. Voor Greta gaat het over asperger, OCD (obsesieve-compulsieve stoornis) en selectief mutisme. Het gezin gaat door een zeer lastige periode, en de ongerustheid is groot als Greta zelf aankondigt te willen starten met de schoolstakingen. Haar verhaal maakt duidelijk welke kracht er vrij komt door volop te kiezen voor wat je denkt dat je moet doen.

Dat deze jonge vrouw ondertussen miljoenen mensen op de been heeft gebracht verdient vooral groot respect. Soms schaam ik me voor de vele denigrerende en hatelijke reacties van veel witte mannen van middelbare leeftijd (de groep waar ik ook toe hoor). Bijvoorbeeld over de reis naar Amerika per zeilboot (die meer uitstoot zou veroorzaken dan per vliegtuig). Door de consequente manier van handelen van Greta is het nu wel zo dat alvast Zweden minder gaan vliegen! Als dat geen impact is… Een aanrader dus.

Zelf maak ik me klaar om terug op pad te gaan met mijn visie op de wereld en wat we kunnen doen. De eerste voorstelling is gepland in Lennik op 24 augustus. Op 1 september breng ik een toekomstverhaal in Gent, op het Zwermfeest van Beeshpere, een prachtige bijensculptuur die het verlies aan biodiversiteit wil tegengaan. Op 11 september ben ik dan weer te gast op een avond rond Deep Democracy in Mechelen. Een paar dagen later is Tielt aan de beurt bij het Lets-Vlaanderen feest. De rest van het programma kan je steeds hier bekijken.

het klimaat wacht niet op de gele trui


Oef, zomer dus. Het lijkt erop dat nogal wat mensen blij zijn dat ze zich niet langer moeten bezighouden met lastige kwesties zoals het klimaat en de toekomst. De bezorgdheden vandaag zijn eerder de files onderweg, het aantal valiezen in de inkomhal van de luchthaven én welke Belg vandaag mee in de goede ontsnapping zit.

Het is uiteraard logisch dat een mens af en toe helemaal niks wil weten van van wat er mis loopt. Je zou wel gek worden als je alle alarmsignalen serieus zou nemen. De klimaatverandering houdt natuurlijk geen rekening met het ontbreken van een regering of onze verzadiging wat betreft slecht nieuws. Binnen enkele weken breken we met zijn allen een nieuw record, dan valt Earth overshoot day op 29 juni. Dat is het moment waarop we alle ecosysteemdiensten die de planeet op een jaar levert hebben opgebruikt. Alweer 3 dagen sneller dan vorig jaar. Zoals je hieronder kan zien, doet België het nog een pak slechter met 6 april, maar zo’n prestatie krijgt minder aandacht dan de bollentrui.

Maar ook in de andere richting gaat het snel. Steeds meer mensen beseffen dat het anders moet en beginnen zelf verandering te initiëren. Kijk maar eens op deze inspirerende site van Elke en Mischa: r-evolutie. Tijdens mijn lezingen en voorstellingen kom ik steeds meer mensen tegen die zelf aan de slag gaan. Reden voor hoop dus.

Ook tijdens de Gentse feesten is er plaats voor een breder verhaal. In de Theaterbox (vijf minuten stappen van Gent Dampoort) zijn er op 26 juli twee voorstellingen van ‘Het einde van de wereld? Een try-out! De voorstelling om 17u is er speciaal voor wie al een heel druk (avond)-programma heeft. Kinderen vanaf een jaar of 12 kunnen ook meevolgen. Alle info en reserveren kan via deze link: Theaterbox.

meer Impact voor de Low Impact Man?


Ruim tien jaar geleden ging ik van start met een simpel experiment. Samen met mijn kinderen op zoek gaan naar meer geluk met minder voetafdruk, naar een manier van leven met een zo klein mogelijke ecologische impact. Bijna toevallig wordt het idee opgepikt door de media, Low Impact Man wordt een begrip en een beetje een bekende Vlaming. Mijn avonturen worden gevolgd, uitvergroot en becommentarieerd door heel wat mensen. Zonder het zo te plannen krijg ik plots de titel van meest ecologische Belg (al klopt dit natuurlijk niet).

Het experiment duurt een jaar en na afloop denk ik dan; “ok dat was boeiend, hier heb ik veel uit geleerd. Wil ik nu terug naar mijn leven, mijn job van voor het experiment?” Daar heb ik niet eens zelf een antwoord moeten op geven. Plots vroeg Dimitri Leue me om mee te spelen in een theatervoorstelling, kon ik een boek publiceren, kreeg ik uitnodigingen om te gaan spreken bij de meest diverse groepen. Mensen willen mijn verhaal horen en er zelfs voor betalen. Dus ben ik zelfstandige geworden. Zonder groot plan en met in mijn achterhoofd de gedachte dat binnen een paar jaar de Low Impact Man alweer vergeten zou kunnen zijn.

zo is het begonnen, in mei 2008

Maar kijk, de vragen blijven komen. Ik word uitgedaagd om mijn verhaal op andere manieren te vertellen en breng humor en muziek in de lezingen. Ik stop veel energie in mijn blog en bereik tijdens op het hoogtepunt 600 mensen per dag. Ik maak zelf een eco-comedy show en ga op tournee in Vlaanderen. Iemand vraagt me om samen een kinderboek te schrijven. Ik word betrokken bij projecten rond duurzaamheid in de cultuursector. Scholen en socio-culturele verenigingen nodigen me uit, van Ramskapelle tot Genoelselderen. En als het gaat over de ecologische voetafdruk zijn er nog redelijk wat journalisten die me weten te vinden.

Mijn winkeltje draait niet slecht. De voorbije twaalf jaar heb ik op diverse manieren 1300 keer mijn verhaal kunnen vertellen voor een heel verschillend publiek. Volgens mijn telling ongeveer 96 000 mensen die me live hebben gezien. Dan zijn er nog kijkers, luisteraars en lezers waarvan ik geen flauw benul hebben met hoeveel ze zijn en wat ze met mijn verhaal doen. Niet onbelangrijk, al die tijd heb ik behoorlijk mijn bio-boterham verdient, door te doen wat ik het liefste doe.

Geen enkele reden tot klagen dus. Maar toch. Als ik kijk naar de ecologische en sociale uitdagingen die op ons afkomen moet er nog zoveel gebeuren, en dat op korte tijd. Dus komt bij mij ook de vraag wel eens naar boven wat ik nog anders of meer kan doen. Want in tegenstelling tot wat mijn pseudoniem doet vermoeden wil ik zoveel mogelijk impact. Wil ik zoveel mogelijk mensen bereiken, zoveel mogelijk in beweging zetten. Ik twijfel regelmatig of het nog wel goed komt met de mensheid, maar tegelijk wil ik alles proberen om daar een bijdrage aan te leveren.

Dus ben ik met het oog op de volgende – en wellicht laatste – tien jaar van mijn beroepscarrière wat gaan nadenken over deze kwestie. Op welke manier kan ik mijn bijdrage voor een betere wereld sterker maken. Als je dat denkwerk op je eentje probeert te doen ga je snel in cirkels denken. Zie je over het hoofd wat voor buitenstaanders vanzelfsprekend is. Dus heb ik beslist me hierbij te laten bijstaan. Niet aan de toog met wat vrienden, maar professioneel. Dus ben ik gestart met een traject onder begeleiding van Strategies and Leaders. Een frisse club die ‘er is voor organisaties en bedrijven die onze hoop op radicale maatschappelijke verandering delen. We zijn sterk in strategisch consultancy en nieuw leiderschap.’ Ik ben dan wel geen bedrijf, maar na een paar gesprekken bleek dat S&L met veel goesting mijn zaak wou bekijken.

En dus zijn we gestart met een doorlichting van mijn Businessmodel, het samenstellen van een raad van advies, het bedenken van een Groot Gedurfd Brutaal Doel. Dit alles moet binnen enkele maanden leiden tot een Low Impact Man 2.0, eentje met meer impact

Dit boeiend traject wil ik graag delen, en dus zal je er regelmatig op mijn blog wat over kunnen lezen.

zondag naar Brussel


De aandacht voor het klimaat is weer wat weggedeemsterd, maar het probleem is groter dan ooit. Daarom zal ik er zondag bij zijn, op de betoging voor klimaat en sociale rechtvaardigheid. Omdat alles met elkaar verbonden is: geen klimaatbeleid zonder sociale rechtvaardigheid, geen strijd tegen ongelijkheid zonder oog voor de planeet. Spring mee op de kar! Samen op straat, voor mens en klimaat. Op 12 mei vragen we luid en duidelijk: RIGHT(S) NOW!

Om 13h verzamelen we aan station Brussel-Noord. Om 13u30 beginnen we met stappen. Rond 15u30 komen we aan in het Jubelpark voor een feestelijke apotheose met muziek, dans en speeches!

Wie er niet bij kan zijn, kan nog steeds mede-eiser worden van de Klimaatzaak. Want hoe meer mede-eisers, hoe luider onze stem. Om alles op tijd rond te krijgen, sluiten we het mede-eiserschap af op 27 mei 2019, de dag na de verkiezingen.

Zet Klimaatzaak mee op de kaart. Deel onze campagne en overtuig zoveel mogelijk mensen om ook mede-eiser te worden. Doe het ook thuis, op café, in je sportclub, op je werk, online … Vertel hen dat mede-eiser worden gratis en risicoloos is. En dat het slechts 2 minuten duurt.

schuld of verantwoordelijkheid?


Vandaag staat in de Standaard een dubbel opiniestuk over de vraag ‘ben ik bereid in te leveren voor het klimaat’. Daarin probeer ik uit te leggen waarom ik het wel belangrijk vind mijn levensstijl aan te passen aan de draagkracht van de planeet. Bart Van Craeynest, hoofdecononoom bij Voka ziet het anders. Individuele actie heeft geen zin, enkel economische principes kunnen het klimaat redden. Het jammere bij zo’n stukken is dat je niet op voorhand de opinie van de tegenpartij kan lezen. Dus ga ik hier toch even in op zijn argumenten (voor wie geen abonnement heeft, ik plaats de twee stukken integraal hieronder).

Laat ik beginnen met waar ik me wel in kan vinden: de analyse dat het klimaatprobleem een gevolg is van marktfalen, en dus een correcte prijszetting nodig is, én dit internationaal moet gebeuren. Waar ik meer moeite mee heb is dat hij hiermee alle verantwoordelijkheid uit de weg gaat. Ik vermoed dat Bart weet dat een goedkoop T-shirt zowel ecologische als sociale negatieve gevolgen heeft, en een goedkope vliegtuigreis slecht is voor het klimaat. Maar, volgens zijn redenering is dat de schuld van de foute prijszetting, dus is hij daar niet verantwoordelijk voor. En dus zegt hij bijna met trots dat hij zicht niet bezighoudt met zijn ecologische voetafdruk. Pleiten voor internalisering van de kosten is natuurlijk makkelijk als je weet dat de politiek het niet zal doen en bedrijven dit zoveel mogelijk willen vermijden. Voka zal de eerste zijn om te protesteren als we de milieukosten volledig meerekenen bij bijvoorbeeld vrachtverkeer. Voka is ook tegen statiegeld, al is dit ook een vorm van correcte prijszetting. Erbij vermelden dat zo’n correcte prijszetting internationaal moet gebeuren is nog een bijkomende garantie dat het zo goed als nooit zal gebeuren. Conclusie, pleiten voor een oplossing die is op zich wel zinnig is maar waarvan je weet dat ze er niet snel zal komen, is vooral een goede manier om je eigen verantwoordelijkheid te ontkennen. Iedereen die pleit voor een redelijke voetafdruk meteen wegzetten als ‘aanpraters van een schuldgevoel‘ is nog zo’n makkelijke dooddoener.

Een tweede probleem is het mensbeeld dat hij hanteert. Het typische maar totaal achterhaalde beeld van de homo economicus, de mens die alleen reageert op prijsprikkels. Als Bart enkel zulke mensen kent, dan wil ik liever niet in zijn schoenen staan. Het is een verzonnen beeld dat perfect past bij een op groei gericht consumentisme, maar al uitgebreid is weerlegt door antropologen, biologen en sociologen. De mens is van nature een sociaal wezen, en vele mensen doen dagelijks vele dingen om andere redenen dan om winstbejag. Als we in geschiedenis kijken zien we ook dat grote maatschappelijke omwenteling er niet zijn gekomen door ‘prijsprikkels’. Stemrecht voor vrouwen, de val de Berlijnse muur of de strijd tegen apartheid zijn er gekomen omdat moedige mannen en vrouwen hun verantwoordelijkheid opnamen, en tegen de stroom en de gevestigde belangen in onrecht aan de kaak stelden. Voor de aanpak van de klimaatkwestie heb ik dus meer vertrouwen in klimaatbetogers en mensen die kiezen voor een kleinere voetafdruk dan in ‘economische principes’. In afwachting van het internaliseren van de externe kosten neem ik dus wel mijn verantwoordelijkheid.

Bent u bereid in te leveren om het klimaat te redden?

Steven Vromman is zowat het prototype van de burger die zijn levensstijl aanpast voor het klimaat, maar voor hem voelt dat niet als ‘inleveren’. Bart Van Craeynest denkt dat de meeste mensen hun gedrag niet spontaan zullen aanpassen, daarvoor zijn prijsprikkels nodig.

Sjoerd van Leeuwen

Ik zal mijn kinderen later recht in de ogen kunnen kijken

STEVEN VROMMAN

Levensstijlactivist; ‘low impact man’ en auteur van onder meer ‘Het begin van een andere wereld? Een try-out.’

Ik heb geen auto, ik ben vegetariër, ik vlieg niet. Ik woon in een compacte goed geïsoleerde woning en gebruik weinig elektriciteit (opgewekt door wind en zon). Ik koop tweedehands, mijn spaargeld staat op een Triodos-rekening, zodat het niet gebruikt wordt voor investeringen in fossiele energie. Wellicht ben ik een soort prototype van de burger die bereid is in te leveren voor het klimaat. Zo’n manier van leven veroorzaakt een uitstoot die twee derde minder is dan die van de gemiddelde Belg.

Belangrijke bedenking: voor mij voelt dit niet als ‘inleveren’. Ik heb een kwalitatief leven, ik behoor tot de 5 procent rijkste mensen ter wereld. Ik kies er simpelweg voor om niet mee te doen met het consumentisme en de verspillende levensstijl die daarmee samenhangt. Ik voel me bevrijd van de drang om me te conformeren aan de steeds wisselende eisen van de samenleving, de mode en de sociale media. Mijn levenskwaliteit is niet afhankelijk van alsmaar nieuwe spullen, kicks en likes. En om een hardnekkig misverstand uit de weg te ruimen, ik leef niet in een hut in de bossen gehuld in een jutezak. Ik reis, heb een fairphone, eet chocolade (bio en fair trade), heb een kredietkaart (New-B) en gebruik soms een elektrische deelauto (Partago). Al mijn behoeftes zijn vervuld op een manier die behoorlijk spoort met de draagkracht van de planeet. Bijkomend voordeel is dat ik over twintig jaar mijn kinderen recht in de ogen zal kunnen kijken als ze me vragen wat ik gedaan heb tegen de klimaatchaos.

Te weinig moed

Is zo’n individuele levensstijl voldoende om ‘het klimaat te redden’? Neen, er zijn grondige systeemveranderingen nodig. Je zou denken dat de politiek daarin het voortouw neemt, maar dat gebeurt niet. De trieste discussie over rekeningrijden toont nog maar eens hoe onze ‘leiders’ geen greintje moed hebben en zich laten leiden door een groepje luide roepers. Het falen van de politiek is een bijkomende reden om alvast in mijn leven mijn verantwoordelijkheid op te nemen. Er is een groeiende groep burgers die keuzes maakt in die richting. Steeds meer mensen kiezen voor vleesmatiging, echte groene stroom, minder autorijden en minder vliegen. Aangezien onze politici volgers zijn geworden, zal die groep op een dag misschien wel groot genoeg zijn om andere beleidskeuzes te maken. Alleen, we hebben de tijd niet voor zo’n traag veranderingsproces.

Nee, ik leef niet in een hut in de bossen gehuld in een jutezak. Ik reis, heb een fair­phone en een kredietkaart en gebruik soms een elektrische deelauto

Zullen bedrijven en technologie de opwarming van de planeet stoppen? Ik denk het niet. Centraal in het DNA van ons economische model staat ‘maximaliseren van de winst en minimaliseren van de kosten’. Natuurlijk zijn er bedrijven die inspanningen doen om hun voetafdruk te verkleinen, maar ik ken geen bedrijf dat aankondigt dat de komende jaren geen dividend wordt uitgekeerd, omdat het klimaatprobleem alle middelen opeist. Bedrijven zouden misschien meer doen als er door de politiek een dwingend kader wordt uitgezet, zoals een bindende CO2-taks. Maar daar heeft de huidige politieke kaste de moed niet voor.

Technologie dan? Een voorbeeld: de CO2-uitstoot van de gemiddelde auto is met de helft afgenomen sinds de jaren 70. Fantastisch! In diezelfde periode is wereldwijd het aantal auto’s met 600 procent toegenomen. De efficiëntiewinst wordt volledig tenietgedaan door de gigantische groei. Idem voor koelkasten, vliegtuigen en huizen. Het succesverhaal van hernieuwbare energie dan. De prijs van zonne-energie is in 20 jaar met 99 procent gedaald, het totaal aan geproduceerde hernieuwbare stroom is in 10 jaar verdubbeld. Reden tot euforie? Het wereldwijd energieverbruik is zo sterk gestegen dat de boomende hernieuwbare energie niet eens volstaat voor die groeiende vraag. Het gebruik van fossiele brandstoffen blijft gewoon stijgen.

Onbewoonbare aarde

Als we willen dat over dertig jaar 9 miljard mensen een goed leven hebben, moeten we behalve voor efficiëntie ook voor sufficiëntie kiezen. De planeet is te klein om zoveel mensen met onze levenstandaard te dragen. We moeten niet ‘inleveren’ voor het klimaat, maar nadenken over wat we nodig hebben om een vervuld leven te hebben. Leven met meer geluk en een kleinere voetafdruk zal niet goed zijn voor de commercie en de groeicijfers. Krampachtig vasthouden aan onze niet-duurzame levensstijl zal de komende generaties een onbewoonbare aarde opleveren, om even te verwijzen naar de must-read van David Wallace-Wells (DS 5 april).

En zeg niet dat het de schuld is van de Chinezen. De rijkste 10 procent van de wereld is verantwoordelijk voor 50 procent van alle broeikasgassen. Ik ben er zeker van dat jij als lezer bij die 10 procent hoort. Als je twijfelt, surf dan eens naar http://www.global­richlist.com. Als wij al niet bereid zijn een stukje van onze vaak onzinnige luxe in te leveren, is er geen hoop meer.

Schuldgevoelens helpen klimaat niet

BART VAN CRAEYNEST

Hoofdeconoom bij Voka

Voor de duidelijkheid: ik heb me nog nooit beziggehouden met mijn ecologische voetafdruk. Ik heb geen zonnepanelen, ken het epc van ons huis niet, sta bij de keuze van wat ik eet geen moment stil bij de mogelijke impact daarvan op het klimaat, heb me nog nooit schuldig gevoeld wanneer ik het vliegtuig opstap en heb zelfs geen fiets. Mijn beslissingen om in de stad te wonen en om met de trein naar het werk te pendelen, zijn niet ingegeven door overwegingen rond milieu of klimaat, maar louter door persoonlijke voorkeuren.

Los daarvan heb ik alle sympathie voor de klimaatbetogers van de voorbije weken. Die zijn er toch maar in geslaagd om het thema eindelijk op de politieke agenda te krijgen. Tegelijkertijd ben ik ervan overtuigd dat de aanpak van de klimaat­uitdaging niet mag afhangen van de goodwill van een nog altijd beperkt aantal mensen, en al helemaal niet van de schuldgevoelens die we elkaar aanpraten voor bepaalde keuzes (zoals op vakantie gaan met het vliegtuig). Op die manier kunnen we de uitdaging nooit echt aanpakken.

Marktfalen

In die zin vertrekt de vraag of u ‘bereid bent in te leveren voor het klimaat’ van het verkeerde uitgangspunt. De redding van het klimaat kan niet afhangen van die bereidheid. Het echte antwoord moet vertrekken van economische principes. Schade aan het milieu of de klimaatuitdaging zijn uiteindelijk klassieke voorbeelden van het falen van markten, maar die kunnen bijgestuurd worden. Doordat de kosten van milieuvervuilende of klimaatimpacterende activiteiten doorgaans niet meegenomen worden in de prijs, ondernemen we meer van dat soort activiteiten dan optimaal is. De meest effectieve (en allicht ook de enige werkbare) manier om dat aan te pakken, is via een correctere prijszetting waarbij ook de milieu- en klimaateffecten via een belasting in de prijs verwerkt worden. Dat impliceert bijvoorbeeld dat vliegtuigreizen of autorijden duurder moeten worden.

Veel initiatieven hebben alleen zin als ze op internationaal niveau geregeld worden

Met een correctere prijszetting kan iedereen zelf kiezen of hij bereid is meer te betalen om de schadelijke activiteit uit te oefenen of om zijn gedrag aan te passen. Veel meer dan goodwill of schuldgevoelens is het prijsmechanisme het beste instrument om grote groepen mensen zover te krijgen om hun gedrag te veranderen. Op die manier gaan mensen onvermijdelijk nadenken over hun gedrag, iets waar klimaatbetogingen of moraliserende vingertjes uiteindelijk toch te weinig in slagen. Er zijn talrijke praktijkvoorbeelden dat zo’n aanpak werkt. Mensen konden er altijd al voor kiezen om hun afval te sorteren, maar we zijn dat pas massaal gaan doen toen de prijzen van de vuilniszakken gedifferentieerd werden. Net zo goed stond het iedereen altijd al vrij om herbruikbare boodschappentassen te gebruiken, maar leidde een minimale prijs voor plastic zakjes in de supermarkt tot de grote doorbraak.

Een prijszetting die ook rekening houdt met de milieu- en klimaateffecten zal bovendien ook individuen en ondernemingen er meer toe aanzetten om te zoeken naar innoverende oplossingen voor milieu en klimaat. Er werden al fantastische resultaten geboekt met onder meer milieuvriendelijkere productieprocessen, energie-efficiëntere woningen en voertuigen en duurzame energiebronnen, maar er is uiteraard nog meer nodig. Opnieuw werken financiële prikkels in die context allicht beter dan goodwill. Uiteindelijk zal de redding van het klimaat toch vooral van dat soort vindingrijkheid en innovaties moeten komen.

Correcte prijs

De praktische uitwerking van zo’n gecorrigeerd prijsmechanisme zal ongetwijfeld niet altijd even makkelijk zijn, en er zal ook niet voor elke concrete maatregel een even groot draagvlak zijn. Maar beleidsmakers moeten zich ook durven te richten op resultaten op langere termijn. Veel van de klimaatgerelateerde initiatieven hebben sowieso alleen zin als ze op internationaal niveau geregeld worden. Met de middelen die via dit soort heffingen opgehaald worden, kan de overheid sociale of economische compensaties financieren. Het hoofddoel van dit soort maatregelen moet evenwel de sturing van de impact op milieu en klimaat zijn, en zeker niet de belastingopbrengsten.

Alleen de economische principes kunnen het klimaat redden. De bijsturing van het prijsmechanisme is ook de beste manier om ecologie en economie met elkaar te verzoenen. En hoe dan ook is het allicht de enige werkbare manier om voldoende mensen ertoe te bewegen om hun gedrag aan te passen. Wie ervoor kiest om zich niet aan te passen, zal dan een correcte prijs betalen die ook rekening houdt met de impact van zijn keuzes op milieu en klimaat. Zonder die prijsprikkels zijn er allicht te veel mensen als ikzelf die uit eigen beweging te weinig initiatief zullen nemen.

Nieuw boek komt er aan!


Naar aanleiding van de voorstelling ‘Het einde van de wereld? Een try-out’ heb ik een boekje geschreven. Het is een aanvulling op de voorstelling en gaat dieper in op thema’s zoals veerkracht, bewustzijn en activisme. De cijfers en feiten uit de voorstellingen worden toegelicht, de liedjesteksten zijn erin opgenomen evenals een exclusief interview met Timo over de wereld in 2075. Ook de engagementen van de toeschouwers tijdens de eerste reeks voorstellingen zijn erin opgenomen.

In deze tijden van verandering, dreiging én hoop schetst dit boek een genuanceerd beeld van de toekomst. Het maakt duidelijk dat de keuzes die we vandaag maken bepalen in welke wereld we terecht zullen komen. Inspirerende voorbeelden en inzichten kunnen je helpen je steentje bij te dragen.

Boekvoorstelling in Gent op 5 april

Maak kennis met het boek, enkele fragmenten uit de voorstelling  (het grote overlevingslied!) en jonge inspirerende doeners. Stel je vragen over de toekomst en kom alles te weten over katrolwoningen, droomkwekerijen, lintbebossing, carbonmarkt coöperatisme,  3-6-9 relaties en zelfslachtboerderijen.

PS: wil je ook kennismaking met de heerlijke keuken van Madonna? Schrijf je in voor de ‘meet, eat and read’. Vanaf 18u30, een lekkere ’menu 2075’ inclusief een exemplaar van het boek voor 25 euro.

INSCHRIJVEN VIA DEZE LINK

Ik geef het boekje uit in eigen beheer, het is koop bij lezingen en voorstellingen. Binnenkort ook te bestellen bij de toffe webshop van Kudzu en via steven@lowimpactman.be .

Staken voor het klimaat


Vrijdag is het zover, op meer dan 1200 plaatsen in ruim 90 landen zal actie gevoerd worden voor een stevig klimaatbeleid. Dat wijst er toch op dat het bewustzijn bij de bevolking in snel tempo aan het groeien is. Of dit ook het geval is bij de politici is me wat minder duidelijk. Mochten partijen op zoek zijn naar concrete en haalbare voorstellen dan is dit lijstje van de Bond Beter Leefmilieu alvast een goede start.

Ik hoop dus dat op 15 maart heel veel mensen op een of andere manier hun stem laten horen en de jongeren ondersteunen. Want het lijkt me niet fair dat ze op hun eentje moeten opdraaien voor de rotzooi van de voorbije generaties. Zelf ga ik in de voormiddag alvast bij twee klassen langs in Zaventem, rond half-vijf ben ik te gast bij Toon Smet van NRJ-radio en ’s avonds doe ik nog een voorstelling in Leuven. Echt staken is dit niet, maar ik hoop hiermee toch weer wat mensen te stimuleren.

Ben je nog op zoek naar ideeën om op één of andere manieren ook iets te doen, hier alvast 5 interessante tips van 350.org. We hebben nog een goede tien jaar om de boel op orde te zetten, dus dit jaar kan maar best het jaar van de omslag worden.